Versie: 17 december 2025
Verhalen horen bij de mens en bij zijn leefwereld. De mens kan o.a. vertellen, luisteren, lezen en schrijven. Dit zijn bekende narratieve handelingen, maar hoe slaagt iemand erin om de verbinding met zijn sociale leefwereld tot stand te brengen?
De mens beschikt over kennis en vaardigheden die deze relatie mogelijk maken. Deze kennis en vaardigheden noemen we ook wel narratieve competentie. Iemand beschikt over de competentie om met verhalen om te gaan1. De narratieve competentie maakt het mogelijk om onze communicatieve vaardigheden in de praktijk te gebruiken en af te stemmen op de ontvanger. Het zijn praktische vaardigheden (Bohlmeijer2), die in onze dagelijkse leefwereld goed van pas komen. Zoals elke vaardigheid moeten ook deze geleerd en ontwikkeld worden door oefening en ervaring.
Met name Anneke Sools3 heeft het begrip narratieve competentie nader onderzocht. Ze geeft aan dat deze competentie het mogelijk maakt betekenis toe te kennen aan acties van anderen en aan het eigen handelen. We zien dat er een bepaalde volgorde in gebeurtenissen zit. Ook snappen we (vaak) de bedoeling van een verhaal. Een verhaal zorgt ervoor dat we de wereld begrijpen, maar zegt dus ook iets over degene die vertelt, aldus Bruner4 (“world- en selfmaking” ). Onze taalhandelingen hebben o.a. een empathische, motivationele, sociale en persoonlijke component. Het is het vermogen om het menselijke handelen symbolisch te (re)presenteren in taal. Anneke Sools komt tot de volgende definitie: “de competentie om zichzelf en de wereld narratief te begrijpen en vorm te geven”.
De narratieve competentie zorgt ervoor dat we samenhang zien in losstaande handelingen, ervaringen en gebeurtenissen. Zaken die ogenschijnlijk los van elkaar staan of gelijktijdig voorkomen, worden in een verhaal in verband met elkaar gebracht. Sools definitie veronderstelt een combinatie van aanlegfactoren (disposities), kennis, vaardigheden en gedrag. Vertellen, schrijven, luisteren, lezen of andere vormen van narratieve expressie zijn concrete gedragingen of handelingen. Heinich noemt dit het “presenteren of de presentatie΅ van een verhaal.
Zo komen we tot de volgende omschrijving van het begrip narratieve competentie:
| De competentie om zichzelf en de wereld narratief te begrijpen en vorm te geven. De narratieve competentie is een combinatie van disposities (aanlegfactoren), kennis, vaardigheden en gedrag. De narratieve competentie wordt “gepresenteerd” door te vertellen en/of te schrijven, te luisteren en/of lezen of door andere vormen van narratieve expressie. |
1 Dit begrip is o.a. bekend vanuit het onderwijs. Bij competentiegericht onderwijs gaat het om kennis, vaardigheden en werkhouding. Een definitie van een algemene competentie is: “algemene competenties zijn een combinatie van kennis, vaardigheden en gedrag (en werkhouding)”. Ze worden toegepast in (werk)situaties en geconcretiseerd in handelingen.
2 Bohlmeijer E.T.- Eudaimonia. Voer voor psychologen. Pleidooi voor een heroriëntatie van de geestelijke gezondheidszorg. Oratie 12 januari 2012 van Universiteit van Twente
3 Sools Anneke, De ontwikkeling van narratieve competentie. Bijdrage aan een onderzoeksmethodologie voor de bestudering van gezond leven. Proefschrift 2010. Universiteit voor Humanistiek, Utrecht
4 Zie notitie over de narratieve identiteit.